Stille nacht

Woensdag 14 december 2016

 

Na een avondje gourmetten besloten we de tuindeuren open te zetten om door te luchten. De vrieslucht maakte korte metten met de walm van geschroeid vlees die in onze woonkamer hing. De open deuren hadden onbedoeld een welkome indruk gewekt bij een toevallige passant. Laten we hem Jerry noemen.

 

Piep zei de muis… En niet alleen in het voorhuis. De kleine rakker wist binnen de kortste keren feilloos te navigeren via een uitgebreid wegennet achter gipsen voorzetwanden en onder houten vloeren. ’s Avonds hield hij mijn dochter wakker op de bovenverdieping en ’s nachts deed hij zich tegoed aan de walnoten uit de schaal in de woonkamer. Daar kwamen we trouwens pas achter toen we de lege notendoppen vonden bij de spleet achter de schouw.

Stille nacht. Kerstcadeautje op muizenklem | Foto © Jan-Kees de Meester, TekstEnPlaat

Meningen over muizen verschillen nogal, maar ik dicht deze knaagdiertjes een aantal prijzenswaardige eigenschappen toe. Het zijn pientere wezentjes, ze zijn erg inventief en maken het beste van wat er op hun pad komt. Net als mensen houden ze van een droog en warm onderkomen en net als mensen migreren ze naar plekken waar het beter toeven is. Geef ze eens ongelijk.

 

Vrede op aarde
Wij mensen achten ons meestal superieur aan andere wezens en soms zelfs aan medemensen, terwijl we verre van volmaakt zijn. Vaak ontberen we bijvoorbeeld het vermogen, of het geduld, om een conflict geweldloos op te lossen. Dat is niet zo’n mooie eigenschap, zeker niet in het licht van de Kerst.

 

Een Chinese filosoof sprak ooit de wijze woorden: “Pas als er een mug op je testikels landt, besef je dat je problemen ook geweldloos kunt oplossen.” Met andere woorden: we overwegen pas vreedzame oplossingen als er risico’s kleven aan een brute aanpak. We verkiezen de dialoog pas wanneer onze opponent groter en sterker is dan wijzelf, of wanneer er een behoorlijke straf op geweld staat én de kans aanzienlijk is dat je wordt gesnapt.

 

Verschijning
In de meeste andere gevallen kiezen we liever voor de makkelijke weg. Ikzelf houd daar natuurlijk niet zo van, al koesterde ik stiekem wel de hoop dat onze sukkelige kater Pieter het muizenprobleem voor me zou oplossen. Die hoop liet ik meteen varen op het moment dat de illustere insluiper verscheen onder het TV-meubel.

 

In het schemerdonker bewoog hij zich geruisloos, maar watervlug naar de schouw. Ik sprong op en riep: “Daar gaat ie!” Mijn vrouw trok onwillekeurig haar voeten van de grond, gevolgd door een angstig “Waar?” En Pieter, die zoals zo vaak op mijn buik lag te slapen, keek mij alleen geïrriteerd aan, anticiperend op het moment dat hij zijn warme plekje opnieuw kon claimen. Tegen de tijd dat ik naast de schouw stond, zat die kleine knager al lang en breed achter de gipswand, op zijn eigen sofaatje voor zijn eigen televisietje.

 

Geen partij
Onze lieve maar lompe kater is dus geen partij voor een muis. Ik moest het dus zelf doen en, geloof me, ik heb echt nog overwogen om hem levend te vangen. Maar ja, dan moest ik eerst helemaal naar de winkel om zo’n levend vangende val en dat kost dan al gauw een tientje. Daarom besloot ik het gif te gebruiken dat ik nog had staan. Ik kon ook zo’n gruwelijke muizenguillotine van mijn schoonvader lenen, met als gevolg confronterende bloederige taferelen onder de kerstsokken. Nee, dan heb ik liever dat het beestje ergens buiten mijn zicht crepeert. Dat voelt toch gemakkelijker.

 

Zaterdagochtend was het zover. Wij zaten in de voorkamer aan de thee toen het ritselde in de achterkamer. Op mijn tenen begaf ik me naar het kacheltje waarachter zich het doosje met de vergiftigde graankorrels bevond. Het geritsel in het doosje verstomde, Jerry had me in de smiezen. Heel voorzichtig en muisstil stak hij zijn snuitje naar buiten. Twee prachtige kraaloogjes keken mij aan. Verbeeldde ik het me, of was er echt een moment van herkenning, een klik? 

 

Onze kleine vriend vluchtte meteen na dat oogcontact naar veiligheid. Ik besefte dat zijn dagen waren geteld; de graankorrels waren allemaal verorberd. Jerry bekocht een verkeerde inschatting met de dood. De open tuindeuren waren uiteindelijk helemaal geen gastvrije uitnodiging en het warme huis bleek een dodelijke val. Goed, er valt natuurlijk over te discussiëren of ik het chic heb aangepakt, maar mijn probleem is opgelost.

 

Nu is het ‘s nachts weer stil in huis. Geen geritsel en geen gerommel meer. Het enige wat er nu nog knaagt, is mijn geweten.

 

Jan-Kees de Meester

Eigenaar Tekst en Plaat